Herhaaldelijk worden redaktieleden van 'de Bode' benaderd met vragen over alternatieve geneeswijzen. Voor ons ligt momenteel een brief, waarin opnieuw gevraagd wordt naar onze mening over homeopathie, natuurgeneeswijze, acupunctuur, magnetisme enz. Drie dingen stellen we graag voorop.

1. Sommigen gooien in hun vragen alle soms zeer verschillende alternatieve geneeswijzen wel erg gemakkelijk op ťťn grote hoop.

2. De 'Bode' is niet het geschikte podium voor medische verhandelingen. Wel willen we aantekenen dat 'medisch denken' nu eenmaal iets anders is dan 'chemisch denken' of 'biologisch denken', ook al heeft de medische wetenschap veel aan de chemie en de biologie te danken. Argumenten uit bijv. de chemie die tegen alternatieve geneeswijzen worden aangevoerd zijn uit dien hoofde vaak minder doorslaggevend dan ze lijken.

3. De vragen die ons bereiken raken mťťr dan alleen de geneeskundige betekenis van de verschillende geneeswijzen. Telkens weer worden vermoedens en vragen over occulte invloeden en praktijken tot uiting gebracht. En lang niet altijd ten onrechte! Het is vooral daarom, dat we, bij wijze van uitzondering, op enkele facetten van de kwestie ingaan.

DE CHRISTEN EN DE ALTERNATIEVE GENEESKUNDE

 

J. PH. FIJNVANDRAAT

 

De oudste geneeskunde.

Tot ver na de middeleeuwen hadden serieuze artsen, net zoals bijv. 'de geliefde geneesheer' Lucas (Kol. 4 : 14) vrijwel niets anders ter beschikking dan de zgn. 'natuurgeneeswijze'. Mits hij al niet te zeer door de afgoderij verblind was, zocht de mens eeuwenlang in de natuur waarin hij leefde naar middelen ter bestrijding van zijn kwalen. De indianen wisten niets van het bestaan van de 'witte bloedlichaampjes'. Dat de activiteit van deze witte bloedlichaampjes door het gebruik van een aftreksel van de plant 'Echinecea augustifolia' sterk wordt gestimuleerd, wisten ze dus evenmin. Desondanks had de ervaring hun al honderden jaren geleden geleerd, dat zo'n aftreksel bijzonder werkzaam was tegen wondkoorts en allerlei, zelfs boze zweren. Men noemt dit middel tegenwoordig wel 'de penicilline van de natuurgeneeswijze'.

 

Geneeskunst en occultisme.

Natuurlijk zocht men ook in oude tijden naar een verklaring van de geneeskracht van bepaalde kruiden of planten. Zoals men trouwens 'verklaringen' zocht voor allerlei natuurverschijnselen. Dat de 'medicijnmannen', 'priesters' of 'ingewijden' van vele volken daarbij in hun verblindheid terechtkwamen in het spoor dat Rom. 1 : 18-32 zo indrukwekkend schetst, ligt voor de hand.

Zo 'verklaarden' de Germaanse priesters het verschijnsel 'bliksem' als een gevolg van het werpen van Wodans bijl, die in botsing met de wolken de bliksem deed ontspringen, zoals een vuurstenen bijl vonken uit de rotsen sloeg.

Dat de duivel en zijn trawanten zulke 'verklaringen' aangrepen om volken tot occulte praktijken te verleiden, spreekt wel vanzelf Medicijnbereiding en -gebruik ging dan ook in zeer oude tijden al gepaard met, soms afschuwelijke, bezweringspraktijken. Vaak ook namen de bezweringspraktijken geheel de plaats van de medicijnen in!

 

Verschijnsel, verklaring en occultisme.

We dienen dus een duidelijk onderscheid te maken tussen een 'verschijnsel' (in dit geval dus: een medisch feit) en een 'verklaring'.

En ook tussen een verschijnsel en de eventueel ermee verbonden occulte praktijken. In recente waarschuwingen tegen alternatieve geneeswijzen wordt nogal eens een logica toegepast, die neerkomt op: 'Hij spreekt Engels, want hij draagt een Engels overhemd'! De bliksem is nog geen occult verschijnsel, omdat de Wodan-priesters er een occulte verklaring voor gaven! Edison was een occultist en heeft verklaard, dat verschillende technische uitvindingen hem in dromen zijn ingegeven. Maar met een Edison-schroeffitting voor gloeilampen haalt niemand een boze geest in huis. Wie beweert dat technische zaken of zelfs culturele zaken boos zijn OMDAT ze door bozen werden ontdekt komt voor onmogelijke consequenties te staan. Men moet dan maar geen veehouder worden en geen drukwerk laten maken of zelfs maar een mes gebruiken. Per saldo is de smeedkunst die ons een drukpers kan leveren, uitgevonden door een goddeloze. Om dezelfde reden zou het bezit van welk muziekinstrument dan ook uit de boze moeten zijn (zie Gen. 4). De Babylonische sterrenwichelaars waren occultisten, maar ze wisten uitstekend een zonsverduistering te berekenen. Die rekensommen waren daarom nog niet occult. Ook het gebruik van namen voor sterrenbeelden en het aanduiden van die sterrenbeelden door dierfiguren is op zichzelf niet occult - het aanbidden van zulke sterrenbeelden en het toekennen van vergoddelijkte krachten aan zulke beelden, zoals gebruikelijk in de horoscopie is dat echter wel. Zo zijn ook meerdere alternatieve geneeswijzen nog niet occult, omdat de ontdekkers ervan ze ontdekten bij de beoefening van occulte praktijken. Als dat wel zo was, moest niemand chemie studeren. Onze moderne chemie is geboren uit de occulte praktijken van de alchemisten!

 

Onverklaard betekent nog niet 'occult'

Een verschijnsel is nog niet occult omdat we er geen zinnige verklaring voor hebben. Zelfs onze nuchtere 'wetenschappelijke' verklaringen dringen nooit door tot het wezen van de dingen. In de natuurkunde komen we nooit verder dan het formuleren van allerlei verbanden tussen allerlei verschijnselen. Ondanks de daaruit voortvloeiende schier ongelofelijke prestaties op het terrein van de electronica en de lichttechniek, kent niemand het wezen van het electron of van het photon (het licht-deeltje). Het ontbreken van een 'verklaring' voor verschijnselen, maakt daarom elk onverklaard verschijnsel nog niet occult. Tot voor kort was men niet in staat het verband te doorzien tussen het langdurig toedienen van zenuwprikkels op bepaalde plaatsen in het lichaam en de als gevolg daarvan optredende verdoving voor pijngevoelens, die zelfs ingrijpende operaties zonder narcose bij bepaalde personen mogelijk maakt. De oude chinese geneeskunst gaf voor deze 'acupunctuur' een 'verklaring' die stoelde op een occulte filosofie. Die verklaring is niet alleen voor christenen, maar ook voor de moderne wetenschap onaanvaardbaar. Recente Amerikaanse onderzoekingen wijzen er echter onmiskenbaar op, dat mechanische zowel als electrische prikkeling van bepaalde zenuwbanen er bij velen toe leidt, dat het lichaam stoffen gaat produceren, die chemisch zeer verwant zijn aan bekende verdovingsmiddelen. Die stoffen blokkeren dan het doorgeven van het pijnsignaal van de ene zenuwcel naar de andere. Als er verder geen 'hocus-pocus' aan te pas komt, heeft deze toepassing van acupunctuur dus niets met occultisme van doen. Zo gaat het ook niet aan de homeopatie te veroordelen omdat er tot nu toe geen onomstotelijke verklaringen voor zijn gevonden en omdat de ontdekker ervan een vrijmetselaar was.

Satan heeft altijd het meeste succes als hij er in slaagt waarheid en dwaling met elkaar te mengen. Wie er nl. in zo'n geval toe komt om de waarheid (de feiten of verschijnselen) te ontkennen en te bestrijden, speelt de duivel in de kaart! Het komt er steeds op aan de waarheid van de dwaling te scheiden.

 

Dus 'wie geneest heeft gelijk'?

Is dus elke toepassing van de alternatieve geneeskunst onschuldig te noemen? Nee - dat zou een even valse 'logica' zijn als die van het voornoemde 'Engelse overhemd'! Allerlei kwakzalvers misbruiken het ontbreken van nuchtere verklaringen door het invullen van zo'n hiaat met een occulte theorie en de daaraan verbonden occulte praktijken. Het is verbazend, hoe gemakkelijk zelfs leidinggevende gelovigen zich kritiekloos overgeven aan de behandelingen door allerlei geestelijke en medische kwakzalvers.

Met een 'wie geneest heeft gelijk' gaat men naar een 'strijker' om van de pijnen van een ouderdomsjicht of een ischias verlost te worden. 'Maar er zijn toch bovennatuurlijke verschijnselen' zo wierp een gelovige me eens tegen. Mijn antwoord is: 'Wie, omdat de ezelin van Bileam op Goddelijk bevel sprak, naar alle sprekende dieren wil gaan luisteren, loopt goede kans bij de sprekende slang terecht te komen!' Zodra een geneesheer, hij zij bevoegd of onbevoegd, gebruik maakt van bovennatuurlijke krachten bij zijn behandeling, behoort bij een christen het licht op rood te springen. Zeker, er is ook voor christenen een bovennatuurlijke weg. Maar daarbij dienen we drie dingen te bedenken: Ten eerste is er een zich steeds uitbreidend terrein van de eigen verantwoordelijkheid van de mens. Wat mijn huisarts met een aspirientje kan oplossen, doet God niet met een wonder (hetzelfde geldt voor mijn ogen en de bril van de opticiŽn!). Ten tweede dienen we als gelovige te bedenken dat we geen andere bovennatuurlijke kracht als die van God nodig hebben. We hebben het voorrecht rechtstreeks te mogen toegaan naar de troon van de genade, om genade te vinden tot tijdige hulp! Niemand mag zich plaatsen tussen God en onze ziel. De vaak genoemde 'gave van gezondmaking', staat in de Schrift uitsluitend in dienst van de messiaanse bediening van het evangelie aan ongelovigen, en niet aan gelovigen, en dat aan het begin van de tijdperiode van de Gemeente van onze Here Jezus Christus waarin we nu nog leven. Een prediking die blijkens het boek Handelingen plaats vond volgens het nu niet langer geldende: 'eerst de Jood en ook de Griek'. Ten derde dienen we ermee te rekenen, dat God met onze ziekte een heel praktische bedoeling kan hebben, en dan genade wil verlenen om die ziekte te dragen en te gebruiken tot eer van de Heer.

 

Ook de gewone geneeskunde niet zonder geestelijke gevaren.

Wie meent, dat gevaren alleen dreigen bij het inroepen van hulp bij een alternatieve geneesheer, is wel erg naÔef.

Laten we maar duidelijk stellen, dat de officiŽle artsenopleiding zowel als het merendeel van de geneesheren in ons land een levensbeschouwing aanhangt die niet bijbels verantwoord is. Wat bijv. te zeggen van een Synodaal-geref. arts, die een lezeres van dit blad een kunstmatige inseminatie van een vreemde donor aanbeveelt! In crisissituaties in het leven, zoals bijv. bij onvruchtbaarheid, zwangerschapsmoeilijkheden, stervensbegeleiding, operatieve ingrepen die onvruchtbaarheid met zich brengen in plaats van een langdurige en zorgvragende behandeling die de vruchtbaarheid intact laat, en dergelijke meer, zullen de meeste geneesheren adviezen geven die voor een christen niet verantwoord moeten heten. Men moet dus in zulke gevallen altijd op zijn hoede zijn. In nog sterker mate geldt dit echter voor het brede terrein van de zgn. alternatieve geneeswijzen. Vele geneesheren, zowel bevoegde volgens de Nederlandse wet, als onbevoegde, gaan bij de beoefening van hun geneeskunst uit van occulte filosofieŽn. Het meest treft men dit aan bij de onbevoegde autodidacten. Ofschoon er enkele goede autodidactische kruidenkenners en homeopaten zijn, die ook zeer bescheiden en in samenwerking met officiŽle artsen optreden, heeft het merendeel van hen die op dit terrein opereren occulte achtergronden. Men behoort - dat kan nauwelijks uitdrukkelijk genoeg gezegd worden - zulke lieden te mijden. Er zijn immers gelukkig genoeg bevoegde alternatieve genezers in ons land en daarbuiten te vinden, waaronder ook beslist bijbelgetrouwe christenen, die niets met occulte hocus-pocus, magnetisme, strijken, 'piskijken', fotolezen, telepathie e.d. van doen willen hebben. Zij kenmerken zich door een wetenschappelijk verantwoorde wijze van diagnose-stellen, en maken bij het voorschrijven van medicijnen uitsluitend gebruik van ervaringsgegevens die kunnen steunen op een praktische toepassing van vaak vele tientallen tot vele honderden jaren.

 

Bestaan er occulte medicijnen?

Water is water en alcohol is alcohol, onverschillig wie het in handen heeft. Er bestaan geen occulte stoffen - wel vele soms zeer giftige stoffen (die overigens vrijwel uitsluitend in de gewone geneeskunde in riskante doseringen worden gebruikt, waarbij het optreden van medicijnvergiftigingen bepaald geen zeldzaamheid is). Maar er bestaan wel occulte invloeden, die uitgaan van personen die zich met occulte zaken inlaten. Geeft u zulke personen vrijwillig en wetend wat er aan de hand is, uw adres, dan stelt u ze in de gelegenheid hun invloeden ook op u los te laten.

Een 'officiŽle' huisarts, die antroposoof is, schreef ťťn van mijn kennissen een recept voor. Toen zij te kennen gaf dit in de apotheek te zullen laten halen, reageerde hij: ĎDoet u dat niet, maar bestelt u het liever daar en daar, want daar wordt er speciaal over dat medicijn gebeden'! Uiteraard heb ik haar aangeraden om het medicament gewoon uit de apotheek te laten komen en zo snel mogelijk van huisarts te veranderen. Niet omdat die medicijn een andere samenstelling zou hebben als ze van 'daar en daar' zou komen. Maar wel omdat men zulke instellingen eenvoudig niet moet steunen en de daarin werkzame occult beÔnvloede mensen niet een adres in handen moet geven waarop ze de invloed van met en door hen werkende occulte machten zouden kunnen richten. We hebben het recht niet als gelovigen God, om zo te spreken, extra werk te bezorgen om ons te beschermen. Aspirine blijft aspirine, of ze nu door een godloochenaar, een christen of een occulte boeddhist wordt voorgeschreven. Maar men doet goed geen instituten te steunen, die medicijnen afleveren 'waarover speciaal is gebeden'. En ook moet men door per post bij occult werkende mensen medicijnen te bestellen zijn adres niet in hun handen spelen, zodat zij daarop eventueel hun 'speciale gebeden' zouden kunnen richten. Dat is nuchter en eenvoudig gezien de hele kwestie.

 

Alternatieve geneeswijzen en 'de grote hoop'.

In tegenstelling tot de situatie in veel andere landen was men tot voor kort in Nederland van academische zijde geneigd alle alternatieve geneeswijzen op de grote hoop van de kwakzalverij te gooien. Toch komt dit - en dat beginnen velen meer en meer in te zien - in feite neer op bevuilen van het eigen nest. Als een arts aan een recept voor een bepaald salicylzuur ('aspirine') een dosis 'coffeÔne' toevoegt, is dat laatste een opwekkend middel, dat al aan de medicijnmannen van de indianen in Zuidamerika bekend was. Hetzelfde geldt in wezen voor de novocaÔne die de tandarts voor uw verdoving gebruikt! Een voordeel van de fabrieksmatige vervaardiging van een aan planten ontleend (en later eventueel gesynthetiseerd) medicament, is de nauwkeurige dosering, die bij een 'kruidenthee' minder secuur is. Een voordeel van een kruidenthee is, dat de werking van de werkzame stof vaak wordt ondersteund door de andere stoffen, die er in de plant bij voorkomen. Hoewel 'thťÔne' en 'coffeÔne' chemisch gezien volkomen identiek zijn, blijken - waarschijnlijk om die reden - mensen op thee anders te reageren dan op koffie.

Wat de homeopathie betreft hebben een aantal Belgische artsen inmiddels een overtuigende bewijsvoering (statistisch!) geleverd via de gebruikelijke en vereiste dubbelblindproeven voor de werkzaamheid van een preparaat bij jeugdige bronchitis-patienten.

Over de van Amerikaanse zijde aangedragen verklaringen voor een bepaalde toepassing van acupunctuur sprak ik reeds. De acupunctuurmethode wordt inmiddels zonder enige 'hocus pocus' in plaats van met naalden die met de hand worden bewogen, toegepast door stilstaande naalden die op een wisselstroombron worden aangesloten en waarbij dan zelfs longoperaties mogelijk zijn.

Eveneens zonder enige 'hocus pocus' toegepast blijkt ook de 'reflexzone-therapie' (o.a. de zgn. 'voetzoolmassage') in bepaalde gevallen grote verlichting van bezwaren en soms algehele genezing te brengen.

De 'handtest' is een methode die door alle eeuwen heen door geneesheren is toegepast,ook de officiŽle geneeskunde in ons land maakt er soms gebruik van. Mits vrij van elke 'hocus pocus' hoeft niemand ongerust te zijn als een arts de binnenzijde van de hand bevoelt, of met een eenvoudig electrisch apparaatje de 'geleidbaarheid' van de huid test, danwel naar zweetsporen in de handlijnen kijkt. Met het 'handlezen' van een zigeunerin heeft dat niets uitstaande. Het dient alles slechts om zich een indruk te vormen van de gevoeligheid van de patiŽnt en eventueel van zijn nerveuze aard.

Elke arts weet, dat hij aan de ogen van zijn patiŽnt het nodige kan aflezen - bijv. een ernstige geelzucht, of grote nerveuze spanningen, een te grote schildklierwerking (ziekte van Basedow), of ook oververmoeidheid. Bij de iriscopie gaat men een stap verder, en beweert ook aan de toestand van de iris het nodige te kunnen aflezen. De Bode is het blad niet om uit te maken of dit terecht of onterecht wordt beweerd. Artsen die niets met occulte zaken uitstaande hadden verzekerden mij van deze methode enig nut te hebben bij hun diagnose. Wel moet worden geconstateerd dat zeer veel 'iriscopisten' zich in hun particuliere leven op occult terrein bewegen. Men dient hier dus wel zeer zorgvuldig te zijn bij de keuze van een arts, en het accepteren van deze diagnostiek.

Men hoede zich voor elk medisch advies dat ingaat tegen de beginselen van de Schrift, voor alle 'paranormale' of 'bovennatuurlijke' diagnose- en behandelingsmethoden, en anderzijds ook voor een ongenuanceerde 'heksenjacht', die voorbij gaat aan de bewezen verdiensten van bepaalde alternatieve geneeswijzen.

Voorts doet men goed zich bij ernstige klachten niet te verlaten op eigen beoordeling en behandeling, maar men wendde zich als men hulp nodig heeft steeds tot geneesheren die een officiŽle bevoegdheid tot uitoefening van de geneeskunst bezitten;