Operatie Informatie

Wijsheid uit het Spreukenboek

 

E. OUWENEEL

(24)

 

We zijn nu aangeland bij Spr. 5 : 15.

Iedereen begrijpt dat hier geen jongens (kinderen) worden aangesproken. Het gaat hier om (jonge) mannen, wier ingeschapen sexuele gevoelens op normale wijze uitgaan naar de vrouwelijke partner. Als een door God gewilde kompletering van het mens-zijn.

Wanneer we de verzen 15-20 lezen, wordt het ons duidelijk dat hier de getrouwde man wordt benaderd. Hij wordt opgeroepen om te luisteren naar adviezen die in zijn eigen belang aan de orde worden gesteld en tegelijkertijd de vreugde uitmaken van zijn vrouwelijke compagnon.

 

Na de zondeval is het huwelijk - als door de Here God verordend - volledig van kracht gebleven. En het moest door de mens in stand worden gehouden buiten de hof van Eden. In die tuin ontsprong een rivier om de hof te bevochtigen (Gen. 2:10). Toen de mens nog niet had gezondigd, kon hij uit de eerste hand van deze levenwekkende stroom genieten. Er was de Goddelijke beslotenheid (omtuining), er bestond een volkomen harmonie tussen twee mensen die alles in elkaar vonden. Geen sprake derhalve van enige hang naar de vreemde. Dat kon ook niet, want dat gevaar was nog niet voorhanden. Er was ook geen eenzaamheid, geen verveling. De zonde was er nog niet… In de tuin en in de beleving van de geestelijke en lichamelijke eenwording ervoeren Adam en Eva de kracht en de schoonheid van Gods zuivere bronnen. Dat was het door de Schepper bedoelde huwelijk en huwelijksgeluk. Man en vrouw zouden in elkaar de optimale bron vinden: Spr. 5 : 15.

Als gezegd, het huwelijk is ook buiten de tuin naar Goddelijke verordening volledig geldend gebleven. Wanneer dit in de loop der tijden is ontaard, dan heeft deze ontwikkeling te maken met de gedachten van de zondige mens. Zoals het van het begin af is geweest (Matth. 19 : 8), zo is het ook nu nog de wil van God. Daarom wordt met nadruk aan de Hebreeën voorgehouden: "Laat het huwelijk in alle opzichten in ere zijn en het bed onbevlekt, want hoereerders en overspelers zal God oordelen" (13 : 4).

We hoeven er niet diep op in te gaan, maar in onze dagen beleven wij de devaluatie van het huwelijk. Devaluatie betekent in de gewone zin: verlaging van de waarde van een munteenheid. Ook van het huwelijk zouden we kunnen zeggen: "Hoe is het goud verdonkerd, ontluisterd het goede, fijne goud! De heilige stenen zijn weggeworpen op de hoek van elke straat" (Klaagl. 4 : 1).

Zo was het ook in de dagen van Lot. De Here Jezus spreekt daarover in Luk. 17. In de dagen van Noach bestond het huwelijk nog. Dat blijkt duidelijk uit zijn woorden. Maar als Hij over de dagen van Lot begint, komt dat helemaal niet meer aan de orde (verzen 26-30). In de wereld van die dagen zien wij de komplete ontworteling en ontaarding. Maar de wereld van toen is nu de onze …

 

Enige tijd geleden verscheen in ons land een boek met de titel: "De schaamte voorbij". Zover ik kan beoordelen zeker geen produkt van een gelovige auteur. En daarom spreekt de titel van dit ene boek boekdelen

In het Reformatorisch Dagblad van 24 okt. 1979 stond een uitgebreid verslag van de Duitse belijdenisdagen in Hannover die op dat moment daar werden gehouden. Ik geef nu weer wat prof. dr. Peter Beyerhaus daar onder meer heeft gezegd:

"Wat zien wij in onze dagen? Valse profeten van moderne wereldbeschouwingen hebben de plaats ingenomen van Gods heerschappij, hebben heerschappij van de mens ervoor in de plaats gesteld. De zin van het leven wordt niet meer gezocht in het doen van Gods wil, maar veel meer streeft de hedendaagse van God vervreemde mens naar zelfverwerkelijking.
Hoe zien wij thans dat het huwelijk verwoest wordt. Vooral de jacht naar genot en naar een steeds hogere materiële levensstandaard leidt tot een bedenkelijke geboortedaling....
Het huwelijk is een geschenk van God en mag niet verbroken worden.....
Buitenechtelijk verkeer is in strijd met Gods Woord, evenals het geslachtelijk verkeer van mannen met mannen en vrouwen met vrouwen.
Op alle mogelijke wijzen worden wij met het perverse leven gekonfronteerd, zoals in vele theaters en bioskopen pornografie als kunst gepresenteerd wordt. De bevrediging van de lusten wordt tot de hoogste levenswaarde verheven. Nu leert de wereldgeschiedenis ons dat geen kultuurvolk het prijsgeven van zijn seksuele zeden en gewoonten heeft overleefd....".

Tot zover het citaat.

 

En, broeders en zusters, laten wij nu ook maar eens heel eerlijk het licht van God over onze harten en geweten en onze levens laten gaan… Want déze geest gaat onze huizen en onze harten echt niet zo maar voorbij… Eén aspekt: "bedenkelijke geboortedaling", zei onze broeder uit Duitsland. Hij zei heel véél; ook tot ons. Ráákt het ons?

 

Terug naar Spr. 5 : 15.

Hoe ongelooflijk mooi is het allemaal begonnen.

"De Here God bouwde de rib, die Hij uit de mens genomen had, tot een vrouw en Hij bracht haar tot de mens.

Toen zeide de mens: Dit is nu eindelijk (ditmaal) been van mijn gebeente en vlees van mijn vlees; deze zal "mannin" heten, omdat zij uit de man genomen is.

Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen en zij zullen tot één vlees zijn.

En zij beiden waren naakt, de mens en zijn vrouw, maar zij schaamden zich voor elkander niet" (Gen. 2: 22-25).

Op een moment waren daar twee gelijkwaardige volwassen individuen. Kinderjaren en puberteit hebben Adam en Eva geen van beiden gekend.

Adam zag Eva. Eva zag Adam. Ze zagen het: ieder van hen was anders gebouwd. Beiden hebben onmiddellijk "begrepen" dat zij elkaars komplement mochten zijn door de ingeschapen aantrekkingskracht. Het fysieke verschil bij beiden deed hen verstaan dat zij hierdoor volledig één konden en mochten wezen. Hun naakt-zijn was geen probleem. Door de staat van de onschuld konden zij in ieder opzicht de schoonheid van het één-vlees-zijn beleven.

 

Door hun zonde werden Adam en Eva gewaar dat zij naakt waren en was alles op één keer totaal anders geworden.

In deze gebrokenheid verkeerde de gelovige in de dagen van de Spreuken en bevinden wij ons nu.

Over dit thema is natuurlijk ontzaglijk veel te zeggen en dat is dan ook in de afgelopen jaren veelvuldig gebeurd. Wij moeten ons bij onze beschouwing beperken en willen dat ook doen.

Wanneer we het voorgaande op ons laten inwerken, verstaan wij vers 15. Het christelijke huwelijk is en wordt in de praktijk geheiligd door de Goddelijke normen. Gods Woord is daar de volstrekte autoriteit. Het gebed is de levenskracht. En zo vinden man en vrouw in elkaar de bron van Gods bedoelingen. Daar mag nimmer een "vreemde" aan te pas komen. Er is een duidelijke omheining. De christen behoort tot het volk van God! En dat volk is een heilig volk, dat zijn "de geheiligden in Christus Jezus" (1 Kor. 1 : 2).

Het gaat om het volstrekt-eigene op het terrein van het huwelijk. De christen-man die zijn vrouw gevonden heeft, beleeft met haar en met haar alleen wat God in en door het huwelijk heeft bedoeld. Dit eigene wordt nog eens onderstreept door de vraag van vers 16 en wat staat in vers 17.

 

En dan vragen de verzen 18 en 19 onze aandacht waarvan de taal verwant is aan die van het Hooglied.

De seksualiteit is een zeer kostbare gave van de Schepper. Dit aspekt van het mens-zijn heeft voor de christen alles te maken met de omtuining en de fontein die het Woord van God is. En omdat deze ingeschapen werkelijkheid zo'n grote rol speelt, is de bijbel niet karig in zijn mededelingen met betrekking tot het beleven hiervan. Waarbij nog wel eens mag worden genoteerd dat deze dingen ons nimmer geheimzinnig of verdoezeld worden uiteengezet. Integendeel: heel duidelijk en… in de juiste verbanden.

 

Spr. 5:18-19 is het WOORD VAN GOD.

In zijn goedheid en wijsheid heeft de Schepper de totale beleving van de seksualiteit toegewezen en toevertrouwd aan de man en de vrouw die elkaar voor het leven ten overstaan van God en mensen trouw hebben beloofd. Dat betekent dus: binnen het huwelijk

We verwijzen nog eens naar Genesis 2: 24.

De verzen 18 en 19 behoeven geen diepgaande verklaring. Het heeft de Schepper behaagd de seksualiteit te kreëren als een ervaring die niet onaangenaam is.

En hoe meer geestelijke eenheid er bestaat tussen de beide partners, des te intenser en schoner komt de lichamelijke eenwording tot zijn recht. Zó moeten deze beide verzen worden verstaan. Waarom, mijn beste jongen, zou je je dan verslingeren aan een vreemde? Op dat "waarom?" zal de zoon zelf het antwoord moeten geven.