Correspondentie

 

Uit een paar reakties blijkt mij dat ik in het artikel "Vrijgemaakt" (1) op pagina 54 in het midden een uitspraak heb gedaan die tot misverstand aanleiding heeft gegeven. Het gaat om de passage onder 2c: "naar het vlees leven" (Rom. 8 : 12, 13). Vooral de laatste zin: "Zijn leven "naar het vlees" brengt hem onder het oordeel van God en dat oordeel is de dood, het eeuwig naar ziel en lichaam gescheiden zijn van God" heeft blijkbaar aanleiding gegeven tot de gedachte dat ik hiermee wil zeggen, dat een gelovige voor eeuwig verloren kan gaan.

Omdat een vraag is binnengekomen waarin deze kwestie breed aan de orde wordt gesteld en in een volgend nummer daarop uitvoerig wordt ingaan, laat ik het hier bij een korte uiteenzetting.

Paulus schrijft aan broeders: "Als gij naar het vlees leeft, zult gij sterven". Uit 1 Korinthe 5 : 11 blijkt dat er mensen zijn, die voor "broeder" willen doorgaan, maar die op grond van hun levensopenbaring niet als zodanig mogen worden beschouwd. Wie een hoereerder is, of een hebzuchtige, of een afgodendienaar, of een lasteraar, of een dronkaard, of een rover, kortom: wie naar het vlees leeft, mag, ongeacht zijn vroegere belijdenis, niet als een broeder worden gekwalificeerd. Wij beschouwen iemand als een gelovige, die met zijn mond belijdt dat Jezus Heer is en met zijn hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt (Rom. 10 : 9).

Maar zodra iemands leven daarmee volkomen in strijd is, wordt zijn belijdenis leeg, vruchteloos. Of hij werkelijk geloofd heeft, valt buiten ons beoordelingsvermogen. Dat is Gods zaak. Alleen Hij kent het hart. Onze beoordeling blijft begrensd tussen de belijdenis enerzijds, de levenswandel anderzijds. Als laatstgenoemde naar het vlees is, wordt de belijdenis voor ons waardeloos. Dan kunnen wij zo iemand niet meer zien als een gelovige, omdat hij zichzelf geplaatst heeft op de grondslag van de natuurlijke mens met zijn oude natuur. Tot zo iemand kunnen we niet zeggen: "het zit wel goed, want je hebt beleden de Heer te kennen, het geeft dus niet hoe je leeft, je bent toch behouden". Wat zijn verantwoordelijkheid betreft, is op hem van toepassing wat er staat in Rom. 8 : 12. Br. Brockhaus zegt daarover: "De onvoorwaardelijke verlossing van de gelovige op grond van het werk van Christus is één waarheid; zijn verantwoordelijkheid om tot het einde trouw te wandelen, een andere" (Meer dan overwinnaars - pag. 141 - 2e druk). Natuurlijk blijft volkomen waar wat de Heer Jezus in Johannes 10 : 28, 29 gezegd heeft over het in eeuwigheid niet verloren gaan van zijn schapen. Maar daar sprak Hij vanuit zijn kennis van wie zijn schapen zijn. En zover gaat ons kennen niet.

Dan nog iets anders. Dezer dagen heb ik gelezen het boek: "Alarm om de bijbel" van de Duitse theoloog Dr. Gerhard Bergmann. In dit werk kant hij zich sterk tegen de moderne theologie van Prof. Dr. Bultmann en zijn volgelingen. In drie hoofddelen:

neemt de schrijver stelling tegen de zogenaamde wetenschappelijke filosofische denkwijze van de moderne theologen. Het moet gezegd, dat de manier waarop hij deze bestrijdt helder en duidelijk is, al zijn de termen die gehanteerd moeten worden voor een leek soms moeilijk te volgen. Het waardevolle van dit boek is, dat de schrijver "het Woord aan het woord" laat, zonder zich van de problemen af te maken met wat algemeenheden of dierbaarheden. Zijn betoog is exact, op de man af en toch door en door evangelisch. Misschien kan het als een bezwaar worden aangemerkt, dat hij de dwaalleraars wat al te vriendelijk behandelt en henzelf niet aan de kaak stelt. Het ging hem kennelijk om de bestrijding van de leer.

Omdat de theorieën van Bultmann c.s. ook in ons land steeds meer weerklank vinden, is het uitermate nuttig van de inhoud van dit boek kennis te nemen voor hen die met deze stroming te maken hebben of krijgen. Zij zullen door lezing hiervan tot beter onderscheid komen van wat er in de moderne theologie feitelijk aan de hand is.

Het is waar wat op de achterpagina staat: "Dit boek wil een hart zijn onder de riem van de traditionele gelovigen, die zich door al die Wetenschappelijk theologische inzichten van onze tijd" in de ouderwetse hoek gedrongen voelen; die zich afvragen of hun geloof waarlijk zo primitief, zo simpel, zo onwetenschappelijk is. Dr. Bergmann wil de gelovigen sterken tegen de aanval die de moderne theologie van alle kanten richt tegen het bijbels geloof".

De auteur geeft er blijk van te weten waarover hij schrijft.

Van harte aanbevolen. Het boek kost f 5,90 en is bij mij verkrijgbaar.

H. Medema