Correspondentie

 

September is de maand waarin alles weer "gewoon" gaat. De vakantietijd is voorbij. Ons werk, onze taak vraagt weer onze volle aandacht. De dagen korten, de avonden lengen. Allerlei aktiviteiten van geestelijke aard zijn aan de orde, of doemen op in het verschiet. We hebben ze misschien ter hand genomen omdat ze nu eenmaal gedaan moeten worden, omdat we ons er met goed fatsoen niet aan kunnen onttrekken. Dan drukken ze op ons als plichtmatige arbeid, waarin we weinig of geen vreugde vinden. Dan ontbreekt de juiste en enige motor die ons moet voortstuwen: de liefde van Christus, die ons dringt. Onze medegelovigen hebben dit misschien niet door. Aan de buitenkant lijkt ons werk te worden gedreven door de edelste motieven. Maar God weet beter. Hij ziet dwars door alles heen en toetst onze gezindheid, de raadslagen van ons hart. Naar die maatstaf beoordeelt Hij ons werk nu en in de toekomst.

Zou ons werk voor Hem, wat het ook is, waar het ook wordt gedaan, niet meer vruchtdragend zijn, als wij allemaal uitsluitend gedrongen werden door de liefde van Christus?

Stellig! Tot vreugde voor onszelf, tot eer van de Heer, ten zegen voor anderen.

 

In dit nummer vindt u het beloofde artikel over "Echtscheiding en hertrouwen" met een andere visie dan die in de eerder over dit onderwerp geplaatste artikelen. Voor de nu gepubliceerde kopij draagt alleen broeder Wilts de verantwoordelijkheid. Of er nog een vervolg op komt? We weten het niet.

 

Namens de redaktie

H. Medema