HET PASLOOD

Amos 7 : 8.

Wat ziet gij, Amos? "Een paslood" antwoordt de Profeet.
"Zie, Ik zal het paslood stellen in het midden van Mijn volk. - Ik zal tegen Jerobeams huis opstaan met het zwaard."
Het beeld van het paslood is eenvoudig: het paslood wijst de afwijking aan, het bewijst, dat de opgetrokken muur uit het lood is gezakt, en er maar n ding geschieden kan. De muur moet afgebroken en opnieuw gebouwd worden!

Het oordeel zou Isral treffen; het Koninklijk Huis van Jehu zou worden getroffen. Onder Hosea - den 5den koning n Zacharia, den zoon van Jerobeam II - is dit oordeel op Isral gevallen ruim een-en-veertig jaar na Jerobeams dood. Samaria is drie jaar belegerd geworden en de tien stammen zijn door den koning van Assyri weggevoerd. (1 Kon. 17 : 6.) De reden wordt er dadelijk bij vermeld: de kinderen Israls hadden geleefd als de heidenen en hun ongerechtigheden hadden ze ook nog bemanteld. God was op allerlei wijze onteerd!
De wegvoering in gevangenschap geschiedde in het negende jaar van Hosea, d.i. in 722 vr Christus.

Er gaat een geweldige sprake van het paslood uit. Als God het paslood stelt in ons midden, in het midden van nze familie, van ns gezin, van ns persoonlijk leven, wat zal het aanwijzen?

J. T.